PB 19/07/2017: Omzendbrief Schauvliege aan vergunningverlenende overheden over “bebouwd” en “niet-bebouwd” gebied schept alleen maar rechtsonzekerheid en verwarring

Omzendbrief Schauvliege aan vergunningverlenende overheden over “bebouwd” en “niet-bebouwd” gebied schept alleen maar rechtsonzekerheid en verwarring
 

Stefaan Sintobin: “Minister Schauvliege opent met deze omzendbrief de doos van Pandora!”
 

Het Vlaams Belang vindt het verrassend dat Vlaams Minister van Omgeving Joke Schauvliege via een omzendbrief die  voor de vergunningverlenende overheden de nieuwe principes en uitgangspunten van het Witboek Beleidsplan Ruimte Vlaanderen oplijst  zelf rechtsonzekerheid en verwarring schept bij de talrijke eigenaars van gronden in Vlaanderen.

De omzendbrief is immers helemaal niet duidelijk over wat nu precies  “onbebouwd gebied” is waardoor de verschillende vergunningverlenende overheden in hun beoordeling van projecten en toetsing van projecten aan een “ goede ruimtelijke ordening”  alle richtingen uitkunnen. Hoe exact dient de omschrijving  “aaneengesloten omgeving”  precies te worden geïnterpreteerd en vanaf wanneer is een gebied  “onbebouwd”  ?  Als in de omzendbrief staat dat gebieden met niet-aaneengesloten bebouwing als  “onbebouwd gebied” kunnen worden gedefinieerd betekent dit in de praktijk ongetwijfeld dat in Vlaanderen zeer veel nog ongebouwde bouwgronden in  “onbebouwd gebied” komen te liggen. Met alle gevolgen vandien voor de eigenaars !

Vlaams Volksvertegenwoordiger Stefaan Sintobin beklemtoont dat de minister met deze omzendbrief de  doos van Pandora opent en een aanslag op de rechtszekerheid, zeker op een moment dat er nog steeds geen compensatiemechanismes via een instrumentendecreet en verhandelbare bouwrechten zijn. Als je grond in ‘onbebouwd gebied’ ligt, dan wordt het veel moeilijker die te ontwikkelen en dus daalt de waarde in de praktijk meteen.

Bovendien kan het toch niet zijn dat individuele eigenaars van percelen in  “onbebouwd gebied” zelf nog eens behoefte- of voorzieningenstudies zouden moeten betalen die aantonen dat voor hun geplande project  geen plaats was in nabijgelegen kernen en dorpen.

De eigenaars hebben vandaag ook niet de beschikking over een kaart die zou aantonen wat voor de Vlaamse Regering  “onbebouwd gebied” en  “bebouwd gebied” is en wat dit dus zou betekenen voor hun percelen.

Vlaams Volksvertegenwoordiger Stefaan Sintobin vraagt dat de minister in ieder geval zo snel mogelijkheid duidelijkheid schept over de interpretatie van de nieuwe regeling die trouwens nog niet eens decretaal is onderbouwd.

Stefaan Sintobin
Vlaams parlementslid

Misschien bent u ook geïnteresseerd in ...